zaterdag 29 augustus 2015

Zoektocht naar de juiste sport

Sporten is gezond. Daar hoeven we niet heel lang over te discussiëren. Sla een blad over die gezondheid hoog in het vaandel heeft staan en je leest direct dat veel bewegen goed is. Voor je lichaam uiteraard, maar ook voor je geest en voor je het weet ook nog voor tal van andere factoren.

Niet lang geleden was er geen discussie. De enige sport voor mij was voetbal. Om te kijken en om te doen. In mijn jeugd met de paplepel ingegoten. Tegen beter weten in er zelfs van overtuigd dat er ooit een profclub stond te wachten op mij. 

Maar het voetbal kostte veel tijd en echt gezond was het ook niet. Al kan ik daar niet echt de sport de schuld van geven. Wel mijn eigen consumptiegedrag na de wedstrijd. Ik speelde dan ook in het Derde (H)elftal, dus ja, wat had je dan verwacht natuurlijk?


Ik werd al in de spits geposteerd, zodat in elk geval de schade beperkt zou blijven

En de waarheid is ook wel dat ik niet meer zo heel goed was in voetbal. Ik werd al in de spits geposteerd, zodat in elk geval de schade beperkt zou blijven. En af en toe zette ik mijn hoofd of voet per ongeluk zo tegen de bal dat er een doelpunt uitviel, maar op een gegeven moment zag mijn voetbalkennende oog toch ook wel in dat het elftal soms net een tik beter draaide als ik lekker met mijn trainingsbroek aan op de bank plaats had genomen.

Voetbal dus niet. En toen begon natuurlijk het zoeken naar een sport die wel bij mij zou passen. Een aantal sporten liet ik door mijn gedachten gaan. Ik dacht aan judo, maar al snel herinnerde ik mij een proeflesje toen ik een jaar of zes was. Een leeftijdsgenootje zag ik over mij heen vliegen als een stuurloze vogel en ik wist toen zeker dat dit hem niet zou worden, beseffende dat ik maar zelden de werpende persoon zou zijn wat dus automatisch in zou houden dat ik regelmatig halsbrekende vluchten door de lucht zou moeten maken. 

'Ga klimmen', zei iemand tegen mij. Maar dat viel gelijk af. Best een leuke sport zolang je niet verder als twee meter boven de grond hoeft. 
Tennis? 
'Mwoah. Ooit gedaan, maar nooit echt leuk gevonden'
Waterskiën? 
'Zit liever met een biertje ín de boot'
Hardlopen? 
'Het duurt zolang voordat je weer eens een ander uitzicht hebt'
Golf? 
'Ach, in knikkeren was ik ook nooit goed.'
Darts?
'Word je dik van' (maar ook een vrouwenmagneet getuige de wekelijkse live-uitzendingen. Toch sla ik over)

Pff. Kleiduifschieten misschien?
'Nee joh'
Curling?

'...'



Het viel dus niet mee. Toch probeerde ik een aantal sporten uit. Natuurlijk was er het onvermijdelijke wurgcontract bij de fitnessschool. Daar ging ik bijvoorbeeld spinnen. Dat is fietsen op muziek. Althans, je fietst natuurlijk op een fiets, maar dan op de maat van de muziek. Alleen dan wel twee keer per week op dezelfde muziek. Toen ik op een gegeven moment niet meer op een fiets kon stappen zonder 'Life is a Highway' door mijn hoofd te horen galmen besloot ik het spinnen vaarwel te zeggen. 

Ook heb ik even gezwommen. Dat was wel leuk, maar mijn favoriete zwembad ging dicht en er kwam een nieuw zwembad. Dat klinkt goed, maar het bad waar normaal gesproken baantjes in getrokken wordt vooral gebruikt voor sporters in opleiding. De recreatiezwemmers mogen met z'n allen in een soort 'aquarium' zwemmen, waar we gezellig als tropische vissen elkaar proberen te ontwijken. Ja, zo komt mijn gestroomlijnde zwemtechniek natuurlijk niet tot wasdom.

Maar opeens ging het de goede kant op. Een ommekeer in mijn sportieve carriére. Een vriend wilde zijn fiets wel aan mij verkopen. En daar ging ik. Eerst kleine rondjes en later iets grotere. Het wachten was op een oorzaak om ook de fiets in de schuur te laten staan, maar die kwam niet. Dus zo ongeveer tweewekelijks maak ik een lekker rondje op de fiets (klik).


Maar ik hield vol, verloor een jaar lang zo'n beetje elke wedstrijd, totdat daar vorige week opeens het eerste succesje was.

Maar het wordt nog beter. Want er bestaat ook squash. Mijn broer spoorde mij aan om dat toch ook eens te proberen. Ik huurde een racket en een balletje (en natuurlijk een baan) en daar gingen we. Na het eerste potje strompelde ik de baan af en struikelde over mijn tong. Ik wist zeker dat ik dit nooit meer ging doen. Maar ik hield vol, verloor een jaar lang zo'n beetje elke wedstrijd, totdat daar vorige week opeens het eerste succesje was. Een klinkende 3-1 (in sets) overwinning op diezelfde broer. Zijn excuus: Een slechte voorbereiding door het Straatfestival in Zwolle een dag eerder. Dat is geen excuus. Nou vooruit, het is wel een excuus, maar geen geldige.

Gezien je zo goed bent als je laatste wedstrijd ga ik dit weekend niet squashen maar fietsen. Hopelijk heeft mijn volgende tegenstander ook een wat haperende voorbereiding. Maar hoe dan ook: Eindelijk een sport waarbij er zich nog geen reden heeft voorgedaan om er mee te stopen. En dat is mooi, want zoals gezegd: Sporten is gezond.

Geen opmerkingen :